Het IPCC rapporteert de resultaten van klimaatmodellen om de toekomstige ontwikkelingen in te schatten. Die toekomst ligt nog voor ons, maar op basis van de projecties van het IPCC worden vergaande maatschappelijke conclusies getrokken. Dan mag men veronderstellen dat de modellen ook betrouwbare informatie leveren, niet alleen voor de toekomst, maar ook over het verleden. Een aantal modellen geeft ook resulaten over de historische ontwikkelingen. Van een aantal parameters zijn die ontwikkelingen ook instrumenteel vastgelegd, zoals voor temperatuur en neerslag. In een vorig bericht is een van de betere modellen vergeleken met de werkelijke temperatuurontwikkeling van station de Bilt.
De exercitie voor de vergelijking tussen modelresultaten en metingen van de temperatuur in de Bilt kan ook worden gedaan voor de neerslag.
De aanpak en de bronnen voor de modelresultaten en de metingen zijn de zelfde als in het vorige bericht. Evenals in het vorig bericht worden alleen de resultaten van xe9xe9n model, het ECHAM5 model met het 20C3M scenario bekeken. Van het KNMI zijn gegevens beschikbaar vanaf 1906. De vergelijking is in dit geval doorgetrokken tot en met 2005, om een periode van 100 jaar te omvatten.
De vergelijking levert het volgende beeld:

Op maandbasis ontbreekt elke relatie. In tegenstelling tot de temperatuur vergelijking, waar het model de afwisseling in de maanden redelijk volgt, is hier nauwelijks sprake van een samenhangend patroon. Het ontbreken van een relatie geldt in sterke mate ook voor de jaarcijfers, zowel voor het jaargemiddelde als voor de jaartotalen van de neerslag.

Het model berekent haast zonder uitzondering hogere neerslagcijfers. Dat komt goed tot uitdrukking in het verloop van de data op jaarbasis, en nog duidelijker in het verloop van het 30-jarig voortschrijdend gemiddelde van de totaalsom neerslag. Hier lopen de lijnen vrijwel parallel, en dat is de enige overeenkomst.
Het vorige bericht verwees naar Koutsoyiannis e.a.. In dat artikel werden de resultaten van zes modelberekeningen en metingen van de temperaturen en neerslag van acht lokaties met historische meetreeksen vergeleken. In hun studie presteerden de modellen voor wat betreft de neerslag in het algemeen slechter dan voor de temperaturen.
De volgende afbeelding stamt uit bijliggende informatie bij hun artikel:

Het is een overzicht voor de lokatie Vancouver van het 30-jarig voortschrijdend gemiddelde van drie modellen waaronder ECHAM5 met het 20C3M scenario (donkerbruine lijn). De blauwe lijn geeft de gemeten waarden.
Het resultaat van deze vergelijking is dus mager. Het wachten is op meer vergelijkingen van andere lokaties. Als die vergelijkingen met werkelijk gemeten waarden tegenvallen, dienen de modellen te worden aangepast. Immers, op de resultaten van deze modellen worden vergaande beslissingen genomen.